Tuesday, July 2, 2013

293 Kort historisch overzicht over Syrië

Ik heb een discussie-avond bezocht over Syrië, geleid door Pieter van Ostaeyen.

Hij heeft een uitgebreid blog, waar ik nog weinig van heb kunnen lezen.

Ik heb de indruk dat hij de rebellen steunt, en ga dus op zoek naar zijn argumenten.

Hier een tekst uit zijn blog van 20 maart 2013 :


Jihad in Syrië – Jabhat an-Nusra

 
Deze tekst vormde de basis van mijn voordrachten over Jihad in Syrië op 28/02/2013 voor KVHV Antwerpen en op 1/03/2013 voor het Koerdisch Instituut in Brussel.

Jihad in Syrië – Jabhat an-Nusra


Inleiding: De Syrische Revolutie

Begin maart 2011 kalkten enkele jongeren uit Dera’a de leuze as-shāb yurīd isqāt an-nizām (het volk wil de val van het regime) op een paar muren. Het was deze zin die het meest gehoord was in de succesvolle Arabische revoluties in Tunisië, Lybië en Egypte. Het Syrische regime reageerde hardhandig; de aanstokers werden opgepakt en verdwenen voor enkele weken achter de tralies. Het volk liet het hier niet bij en kwam de straat op om hun vrijlating te eisen. Uiteindelijk, na enkele vreedzame protesten, werden de jonge mannen vrijgelaten, bont en blauw geslagen, hun vingernagels uitgetrokken met knijptangen.
Op 15 maart escaleerde de zaak, de aanhoudende protesten werden in verschillende steden hardhandig neergeslagen; het Syrische leger schoot met scherp op de betogers. Het al-Assad regime had er waarschijnlijk op gehoopt dat deze aanpak het protest in de kiem zou smoren; het resultaat van deze meedogenloze aanpak was exact het tegenovergestelde. Meer en meer protesten braken uit, meer een meer Syriërs kwamen de straat op. In de maanden april en mei hield het protest aan, Syrische soldaten die weigerden op de betogers te schieten verdwenen of werden simpelweg geëxecuteerd.
In toenemende mate kreeg het Syrische leger af te rekenen met deserteurs die zich aansloten bij het burgerprotest. Onder impuls van enkele gedeserteerde officieren werd op 29 juli het FSA, Free Syrian Army, opgericht. Vanaf dan ging het geweld in crescendo. Van vreedzaam protest evolueerde de situatie langzaam aan naar een full-scale burgeroorlog. In de eerste maanden bestond het FSA louter uit een zootje ongeregeld, burgers en deserteurs die vochten met de weinige middelen die ze hadden. De internationale gemeenschap stond er bij en keek, onderling sterk verdeeld, toe hoe de dodentol langzaam aan dramatische hoogten bereikte.
De internationale verdeeldheid, het werkeloos toekijken aan de zijlijn opende de poorten voor een nieuw soort verzet tegen het al-Assad regime; het internationale Jihadisme.

Jihadisme – definities

Teneinde te begrijpen waarover we spreken moeten we eerst enkele definities scherp stellen; wat is Jihadistische Islam ?
IslamWat maakt iemand moslim ? Wel, vrij simpel, iedereen die de geloofsbelijdenis uitspreekt wordt beschouwd als moslim. Er zijn vijf eenvoudige richtlijnen te volgen als moslim.
1. Shahāda ~ de geloofsbelijdenis
2. Salāt ~ het gebed
3. Zakāt ~ het geven van verplichte aalmoezen aan noodlijdende geloofsgenoten
4. Sawm ~ de vasten tijdens de Heilige Maand Ramadan
5. Hajj ~ de pelgrimage naar Mekka
Het moge duidelijk zijn dat deze richtlijnen louter religieus van aard zijn, politieke aspiraties heeft de Islam an sich niet.
IslamismeIslamisten hebben een bijkomend doel; de staat moet worden vorm gegeven volgens de Islamitische richtlijnen. Maar Islamisme dringt zich niet op aan de bevolking; Islamisten gaan ervan uit dat uitsluitend een democratisch proces kan leiden tot een Islamitische staat. Uiteindelijk kan men hen beschouwen als moslims met een democratisch politieke agenda. Een voorbeeld van zo’n groepering is de Moslim Broederschap in Egypte.
SalafismeSalafisten gaan nog een stapje verder. Zij zien de Islamitische staat als geregeld door de rechtsgeldende bronnen uit Qur’an en Hadith. Alleen deze klassiek Islamitische richtlijnen brengen stabiliteit in de maatschappij, zowel op micro- als macro-niveau. Waar men kan stellen dat Islamisten nog een zekere vorm van democratie propageren, zijn Salafisten ietwat het tegenovergestelde. Gelijke rechten, om maar iets te noemen, staan niet op de agenda. Binnen het Salafisme onderscheiden we twee groeperingen; enerzijds Salafī Islahī(Hervormings-Salafisme), anderzijds Salafī Jihādī (Jihadistisch Salafisme).
Jihadismeal-Qaeda is de meest gekende Jihadistisch geïnspireerde groepering. De aanvallen van 9/11, de bomaanslagen in Madrid, Londen en Bali zijn de meest gekende wapenfeiten. De oorlogen in Irak en Afghanistan en de dood van Usama bin Laden hebben misschien geleid tot het einde van al-Qaeda als centraal geleide organisatie, de idee leeft door. Niet alleen zien we vandaag het Jihadisme opduiken in Lybië (de aanslag op 11 september op het VS-consulaat in Benghazi), Mali, Somalië, … de Jihadisten beginnen een prominente rol te spelen in de Syrische burgeroorlog, met als bekendste exponent hiervan Jabhat an-Nusra.

Jabhat an-Nusra

Jabhat an-Nusra li-ahl as-Sham min Mujahidi as-Sham fi Sahat al-Jihad

De oorsprong

De meeste kaderleden van Jabhat an-Nusra (JN) komen uit het Jihadistische netwerk van Abu Musab az-Zarqawi, dit netwerk werd opgericht in de vroege jaren 2000 als de Iraakse tak van al-Qaeda. In de vroege dagen van al-Qaeda in Iraq (AQI) rekende az-Zarqawi op strijders uit Syrië en Libanon om zijn netwerk uit te bouwen in Syrië. Syrië was destijds een transitzone voor strijders, wapens en financiële steun vanuit de Golfstaten voor de Jihad tegen de Westerse troepen. In 2007 veranderde al-Assad zijn politiek van gedoogsteun aan de Jihadi’s; een van de vooraanstaande leiders van het netwerk werd vermoord door de Syrische veiligheidsdiensten en de Jihadi’s werden opgejaagd wild. De meesten van hen vonden hun toevlucht in Iraq en keerden in de loop van 2011 terug naar Syrië; gebruik makend van de chaos die de Syrische revolutie had veroorzaakt.
Een van hen is Abu Muhammad al-Julani, de leider van JN. Zijn leiderschap over de groepering wordt niet in vraag gesteld. Zijn jarenlange ervaring met Jihad in Iraq is daarin doorslaggevend. Het feit dat hij jarenlang niet in Syrië geweest was, speelt geen rol; zoals alle Jihadi’s pleit JN voor het oprichten van een internationaal Islamitisch Kalifaat waar landsgrenzen geen tel hebben. Einde december 2011 werd het duidelijk dat JN een prominente rol zou gaan spelen in de Syrische Revolutie. De groep werd in deze begindagen in Syrië nog duidelijk geïnspireerd door de moeder-organisatie AQI.

Hun doel

JN kreeg vorm medio 2011 tijdens enkele meetings in Homs en Rif Dimashq. Het is dan dat de vijf voornaamste doelen van JN worden vastgelegd:
  1. De oprichting van een coherente entiteit bestaande uit gerenommeerde Jihadi’s
  2. Het benadrukken van het Jihadistische karakter van de Syrische burgeroorlog
  3. Het uitbouwen van militaire capaciteit door het invoeren van wapens, trainen van rekruten en creatie van een netwerk van safe-houses
  4. De creatie van een Salafistische staat in Syrië
  5. Het uitroepen van een Islamitisch Kalifaat in Bilad as-Sham (het historische Groot-Syrië of de Levant)
Op 24 januari 2012 verscheen de eerste video-boodschap via het nieuwe mediakanaal al-Manara al-Bayda. JN beweerde de wetten van Allah terug te brengen naar Zijn land. In diverse Islamitische overleveringen (Hadith) zijn immers verwijzingen naar Syrië terug te vinden. Op de Dag des Oordeels zou de witte minaret van de Omayyaden-moskee in Damascus een cruciale rol spelen. Het zou hier zijn dat de Profeet ‘Isah (Jezus) zou neerdalen op de aarde. JN ziet de Syrische revolutie als een uitstekende gelegenheid om deze aloude Islamitische profetieën nieuw leven in te roepen en hoopt dit te versterken.

Strategie

De leiders van JN zijn bijzonder goed onderlegd in enkele oorlogsstrategieën. Ze zijn voornamelijk beïnvloed door de Maoïstische ideeën van guerrilla, asymmetrische oorlogsvoering en hechten groot belang aan de idee van een uitputtingsslag. Vier basisgedachten zijn leidend in hun strategie: religieuze profetieën, hun ervaring uit Iraq, enkele ideeën uit de Arabische Lente en de meer dan complexe verhoudingen met de internationale gemeenschap.
  1. In de eerste plaats ziet JN de Syrische revolutie als een Islamitische kwestie, geleid door verschillende overleveringen uit de Hadith. Voor de strijders zou het een eer zijn om te worden vermeld als diegenen die bijdroegen tot het vervullen van Gods wens om een Islamitisch Kalifaat op te richten. Desondanks mist de groep een toekomstvisie naar hoe deze Islamitische staat vorm te geven
  2. Zoals eerder gesteld zijn de belangrijkste kaderleden van JN oud-gedienden uit de Iraq-oorlog, maar op enkele punten wijkt hun strategie duidelijk af:
    1. De aanvallen zijn voornamelijk gericht op militaire doelwitten
    2. De keuze om niet als een zoveelste tak van al-Qaeda door het leven te gaan
  3. De Arabische Lente is in hun ogen gefaald door de keuze te maken voor een democratisch model zoals in Tunesië en Egypte (Lybië is een duidelijk geval apart). De enige weg naar de overwinning is een duidelijke militaire overwinning van het regime, het invoeren van een Islamitisch bewind en de Shari’a. Ruimte voor onderhandeling met de vijand is onbestaande.
  4. JN wil zich niet vervreemden van de internationale gemeenschap maar kan anderzijds een ingrijpen van het Westen niet aanvaarden.
In de praktijk komt het er op neer dat JN zich heeft gespecialiseerd in wat men een urban-rural warfare strategie zou kunnen noemen. Eerst de controle nemen over het platteland, daar een machtsbasis uitbouwen en dan guerrilla-aanvallen uitvoeren in de belangrijkste steden, een echte strategie van terreur dus. Een andere specialiteit is de asymmetrische oorlogsvoering; het uitvoeren van bomaanslagen op het hart van het al-Assad-regime. Zo hebben ze al verscheidene grote (al dan niet zelfmoord-) aanslagen op militaire doelwitten en de veiligheidsdiensten opgeëist. Door deze tactieken toe te passen hopen ze het moreel van het Syrische leger te breken.
De strategie van JN is louter gebaseerd op oorlogsvoering, zonder enige blik vooruit op wat moet volgen na de oorlog. Het politieke aspect van het conflict wordt daarbij schromelijk over het hoofd gezien. Hoewel ze het belang inzien van steun door de bevolking, hebben ze geen specifiek plan dat wijst in de richting die te bekomen. Het ziet ernaar uit dat de organisatie gelooft dat politieke steun automatisch zal volgen na een overwinning op al-Assad. De huidige tactieken wijzen er evenwel op dat JN er alles aan doet om publieke opinie te neutraliseren, in plaats van te mobiliseren.
JN engageert zich slechts in twee aspecten buiten de militaire operaties:
  • ad-Da’wa (prediking en wat men missionarisme kan noemen)
  • humanitaire activiteiten zoals het verdelen van brandstoffen, brood en dekens en het reguleren van de prijzen van kleinere supermarkten
Wat hun post-Assad strategie betreft, lijken ze erop te mikken dat er een sfeer gecreëerd wordt van us against them, Jihadi’s versus de rest, daarbij ook zwaar rekenend op Iraakse Jihadi’s die de strijd vervoegen.

De organisatie

JN heeft circa 5000 officiële leden. Daarnaast telt de groep enkele duizenden aspirant-leden en “onafhankelijke” Jihadi’s die meevechten. De organisatie van de groepering hangt af van de regio waar ze vechten. In Damascus waar de urban warfare en guerrilla-tactieken worden gebruikt is de groep onderverdeeld in kleine cellen. In Aleppo werd een meer militaire structuur geïntroduceerd; de groepering is daar onderverdeeld in brigades, regimenten en pelotons. De groep werd groot toen het verzet nog sterk in de minderheid was en zich genoodzaakt zag in kleinere, onafhankelijke cellen te opereren. Nu beschikt JN evenwel over een arsenaal aan zware wapens en beschikken ze zelfs over hun eigen brigades gespecialiseerd in zware artillerie en luchtverdediging.
JN heeft zich toegelegd op twee soorten van oorlogsvoering; amniyya (veiligheid en spionage) en ‘askariyya (militair). De spionage-activiteiten worden uitgeoefend in en om Damascus, de militaire operaties gaan door in de rest van het land. De leden van het netwerk lijken afwisselend te worden ingezet op de operaties om hen enerzijds te harden in de strijd en hen anderzijds de “duistere” kant van oorlog te leren kennen. Misschien bereidt JN zich voor op het post-Assad tijdperk waarin ze dan zowel eigen militaire strijdkrachten als een functioneel veiligheidsapparaat ter beschikking hebben.

Religieuze organisatie

Zoals het een Islamitische organisatie betaamt, heeft JN een hele hiërarchie aan religieuze organen. De Majlis as-Shura (de “Raad der Wijzen” of het regerende orgaan binnen een Islamitisch Kalifaat) staat aan het hoofd van de organisatie en bestaat uit een handvol leden. Op religieus vlak wordt de Raad voorgezeten door de Qadi al-’aam. Volgens bronnen zou het hier of over een Saudi of een Iraqi gaan. De invloed van de man zou evenwel louter van religieuze aard zijn en zich dan nog voornamelijk beperken tot Oost-Syrië.
Op lokaal vlak kent de organisatie haar verschillende brigades met aan het hoofd twee officieren. Een militair leider (dabit al-askariy) en een die over louter religieuze aangelegenheden gaat (dabit as-shari’i). Daarnaast heeft JN overal ten lande religieuze rechtbanken opgericht, die de interne orde moeten bewaken en beslissen over het lot van gevangenen. De Shari’a rechtbanken van JN staan bovendien open voor gewone burgers en bieden religieus-gerechtelijke bijstand waar gevraagd.

de leider van JN

Abu Muhammad al-Julani, dat zou de naam zijn van de man achter JN. Er is meermaals bevestigd dat al-Julani verwijst naar zijn familiebanden met de Golan-hoogte. Zijn echte identiteit is voorlopig nog een raadsel. Er zijn sterke vermoedens dat hij tot de core van de groep van Abu Musab az-Zarqawi in Iraq behoorde en inderdaad van Syrische afkomst zou zijn. Over het algemeen is er echter weinig geweten over de man; hij zou op elke bijeenkomst met leden en zelfs officieren in de groep gemaskerd zijn. Onderzoek zou hebben aangewezen dat er na het uitvlooien van het netwerk van az-Zarqawi nog 1 mogelijke kandidaat overblijft. Maar die zou al twee keer gesneuveld zijn, in Iraq in 2006 en in Syrië in 2008. Noman Benotman, zelf een vorrmalig al-Qaeda lid maar nu hoofd van een denktank, meent vlakbij de ontmaskering van de man te staan maar doet er voorlopig het zwijgen toe.

Rekrutering en training

JN is zeer wantrouwig wanneer het er op aankomt nieuwe rekruten te werven. Na als aspirant-lid te hebben gevochten aan het front moeten minstens 2 frontcommandanten bevestigen dat ze op militair en religieus vlak geschikt zijn om te worden aangeworven. Tijdens de testfase worden de mannen getest in volle oorlog; JN wil zeker zijn van hun moed, zelopofferingsvermogen en trouw aan de Jihadi ideologie.
De mannen leggen de klassieke eed binnen Jihadistische groeperingen af; ze zweren God de Jihadistische ideologie, leiderschap en oorlog trouw te blijven. Zich niet houden aan deze eed kan ernstige gevolgen hebben, er zijn al afdoende “afvalligen” geëxecuteerd om hun verraad. De religieuze eed van de mannen bindt hen aan hun leiders en ideologie, totterdood, tenzij bevelen zouden indruisen tegen de wil van God.
De laatste tijd duiker er meer en meer berichten op over buitenlandse strijders in het netwerk. Het was al langer geweten dat er Arabieren uit verscheidene Maghreb- en Golfstaten meevechten, sinds kort duiken er bewijzen op dat er Tsjetsjenen, zelfs Russen betrokken zijn. De Tsjetsjenen en Tunesiërs hebben zelfs eigen brigades. Iraqi’s en Jordaniërs zijn hechter aangesloten bij de groep, te verklaren door de invloed van al-Qaeda in Iraq.

Veiligheid

Er is een algemeen bekende term die exact omschrijft hoe JN zich verhoudt tot de buitenwereld: omerta. De dag dat een rekruut of volwaardig lid zijn mond open doet, is hij ter dood veroordeeld. Elk verraad tegen de groep wordt gezien als een verraad van de Islam en God. Daarnaast is het slechts zelden dat JN zich mengt in het debat over Syrië; als ze verklaringen afleggen gaan ze doorgaans over militaire successen of over religieus geïnspireerde zaken. Zelfs als aanvallen van FSA aan hen worden toegeschreven, reageert de groep niet. Wanneer ze het wel doen is als de aanslag door de overheid gepleegd is om de Jihadi’s in diskrediet te brengen.
De sfeer van geheimhouding leeft ook binnen de groep. De meest leden kennen elkaar enkel bij elkaars nom de guerre, laat staan dat ze hun leiders zouden kennen. Over hun achtergrond wordt niet gesproken.
Voor interne berichtgeving valt JN terug op klassieke methodes; ze zullen nog liever een koerier te paard sturen dan een geëncrypteerde e-mail. De echt serieuze gesprekken zouden buiten Syrië plaats vinden. De geheimhouding en zwijgzaamheid dragen er ook toe bij dat ze vrijwel nooit verraden worden door burgers. JN steunt de burgerbevolking voorlopig, onafhankelijk van religie.
JN zou de enige Jihadistische beweging in Syrië zijn met infiltranten in verschillende overheidsdiensten. Doorgaans gaat het hier over gewone burgers: ambtenaren, leerkrachten, kleine handelaars, … Voornamelijk in Damascus is deze informatie cruciaal voor de terreuraanslagen die JN prefereert in urban warfare.
JN is zo geheim dat er zelfs geruchten circuleren als zou de groepering opgericht en gesteund zijn door de Syrische regering om het verzet in diskrediet te brengen ten aanzien van hun bondgenoten. Zo zouden leden van de Syrische veiligheidsdiensten (mukhabarat) geïnfiltreerd zijn in de groepering en de operaties deels sturen. Medio 2011 zijn er nog een 200-tal Jihadi’s vrijgelaten door de Syrische autoriteiten. De achterliggende reden lijkt echter verdeeldheid te zaaien binnen het Syrische verzet (FSA en de rest) en bovenal aan te tonen dat het verzet een bende terroristen is.

Militaire operaties

De laatste maanden kan JN steeds meer successen op zijn conto schrijven. De meest succesvolle aanvallen op regeringstroepen werden bijna altijd door JN behaald. De tot nog toe opgeëiste aanvallen vatten de twee aangehaalde tactieken mooi samen. In hun urban warfare kiest JN voor autobommen en zelfmoordaanslagen. Maar er worden wekelijks aanslagen gepleegd op leden van de Shabiha (milities), legerofficieren en regime-gezinde journalisten. In hun rural warfare worden de zware middelen ingezet; veroverde artillerie en tanks, zelfs korte en middellange afstandsraketten. Sinds kort zouden JN strijders zelfs de beschikking hebben over helikopters en MiG-straaljagers.
Waar JN evenwel grondig verschilt van hun voorgangers, ISI of AQI, is in het feit dat deze Jihadisten een minimum aan burgerslachtoffers teweeg wensen te brengen. De recentste grote bomaanslagen in Damascus, in oktober 2012 aan Bab Tuma en in februari 2013 in Mazra’a wijzen in elk opzicht naar JN of andere Jihadi’s. Telkens weer blijken die eigenlijk compleet af te wijken van hun strategie; de bevolking aan hun kant krijgen. Zoals gesteld wil JN af van het idee dat ze als een al-Qaeda filiaal worden bestempeld. Er wordt zelfs beweerd dat bepaalde aanvallen door JN alsnog zijn afgeblazen omdat burgers in gevaar bleken. Wie dan uiteindelijk wel verantwoordelijk is voor die aanslagen, blijft voorlopig een raadsel. (het regime zelf op cruciale momenten?) Sinds kort zijn een tiental andere Jihadistische groepen samengesmolten, onder de naam Syrian Islamic Front (SIF): al-Jabhat as-Suriyya al-Islamiyya. JN blijft voorlopig afzijdig en blijft zijn ding doen; hun mannen staan in de frontlinie en behalen de grootste successen voor FSA.

Media

JN heeft zijn eigen medianetwerk, genaamd al-Manara al-Bayda (de witte minaret). Via dit netwerk verspreiden ze propaganda video’s, doorgaans gaat het om aanslagen met bomauto’s of interviews met potentiële zelfmoordterroristen. Via Jihadi netwerk-fora zoalsas-Ansar en Shumukh al-Islam worden de video’s en verklaringen de wereld in gestuurd. De naam al-Manara al-Bayda verwijst naar de witte minaret van de Omayyaden-moskee van Damascus. Volgens de Hadith zou de Messias (Jezus Christus) via deze minaret neerdalen op aarde op de Dag des Oordeels.
Hoewel de groep een eigen mediateam heeft, worden de leden ervan ook ingezet aan het front. Zo werd in december 2012 het hoofd van het mediateam, Ahmed al-Aroub (Abu Turab) in Ra’s al-‘Ayn gedood in een veldslag met de PYD.
De mediastrategie van JN is voornamelijk op korte termijn gericht; ze spreken niet over het opleggen van de Shari’a maar over het herinvoeren van Gods wetten in het land van de Islam. JN communiceert over de verschillende fasen in haar strijd tegen het regime; maar de korte termijn strategie zal nooit indruisen tegen het uiteindelijke doel; het invoeren van de Shari’a, het uitroepen van een Islamitisch Kalifaat en het ondersteunen van de Palestijnse strijd.
Het “merk” JN wordt gepropageerd met al-Raya (de zwarte vlag van de Jihad), de documentaire stijl van hun video’s (steeds begeleid van religieuze gezangen) en de duidelijke stelling dat de Kruisvaarders (USA en het Westen) de vijand van de Islam zijn. Dit wijst duidelijk in de richting van de algemene al-Qaeda retoriek die vanaf 1998 door Usama bin Laden werd gepropageerd. Een citaat uit een brief die na de executie van bin Laden werd gevonden in de compound in Abotabbad: it would help if the name [of the group] is a method of delivery of our message. Daarom dat JN in haar volledige naam de woorden Mujahidin en Jihad gebruikt; Jabhat an-Nusra li-ahl as-Sham min Mujahidi al-Sham fi Sahat al-Jihad (Het Front voor Verdediging van het Volk uit de Levant door de Mujahidin uit de Levant op het Slagveld van de Jihad).

De verhouding met andere oppositiegroepen

Binnen Syrië zijn de verhoudingen met sommige groeperingen eerder gespannen, met andere een pak beter. Binnen het FSA zijn er strekkingen die ermee dreigen volop JN te zullen steunen als het Westen blijft weigeren wapens te leveren, andere groeperingen lijken de situatie iets realistischer in te schatten en vrezen dat JN bovenal een eigen agenda nastreeft en slechts in mindere mate begaan is met “the greater good”. JN werkt over het algemeen nauw samen met het FSA ondanks de ideologische verschillen met het leiderschap. Zoals eerder gesteld zijn de grootste successen van het verzet tot nog toe op het conto van JN te schrijven (o.a. de verovering van het militair vliegveld van Taftanaz).
Het lijkt een bewuste keuze van JN om zich niet te aligneren met andere Jihadisten zoals de recent opgerichte coalitie SIF (Syrian Islamic Front of Harakat Ahrar as-Sham). JN positioneert zich in de harde kern van Jihadisten waar het FSA de voortrekker lijkt van het democratisch verzet. Hoewel er tot voor kort minstens 10 verschillende Jihadistische groeperingen in de strijd tegen al-Assad actief waren, is JN duidelijk de meest in het oog springende van deze groeperingen met minstens 600 opgeëiste aanslagen en veldslagen. Sommigen beweren dat Ahrar as-Sham zich ergens in 2012 afsplitste van JN; wat daar de oorzaak van was blijft onduidelijk maar beide groeperingen gunnen elkaar wel het licht in elkaars ogen.
Andere groeperingen vallen minder in de smaak bij JN. De relatie met de PYD bijvoorbeeld kan meer dan gespannen worden genoemd, JN heeft hen duidelijk ondergebracht bij wat Jihadisten gemakshalve Kufar (ongelovigen) noemen. Zo zijn er in en om Ra’s al-‘Ayn in het Noord-Oosten van Syrië al verschillende gevechten tussen de PYD en JN gemeld. De Christenen en Koerden in Noord-Oost Syrië hebben al verschillende corrigerende acties van JN moeten ondergaan; zo werden al verschillende drankenhandels en kruidenierszaken in brand gestoken.
Op internationaal vlak ligt het voor JN allemaal een pak moeilijker sinds de US hen op de lijst van terroristische organisaties heeft geplaatst. Niet dat JN zo happig is op een internationaal optreden in Syrië, in tegendeel zelfs. De Amerikaanse reactie heeft er evenwel voor gezorgd dat Qatar, één van de belangrijkste wapenleveranciers van het Syrische verzet, zijn steun voor JN heeft ingetrokken. Qatar en andere golfstaten lagen al langer onder vuur omwille van de wapensmokkel naar Syrië. De Amerikaanse reactie heeft JN wel een hoop nieuwe adepten in Syrië opgeleverd. De bevolking in de belegerde steden steunt JN meer en meer. Wat dat betreft valt het ook op dat Syrische activisten in het buitenland hoe langer hoe meer beginnen te vertrouwen op JN als de redding voor Syrië.

De toekomst voor JN in Syrië

Waar JN het meest onder te lijden heeft, is de Amerikaanse “designation”, het gebrek aan internationale steun valt de groepering zwaar. De grootste uitdaging is hoe om te gaan met de tientallen buitenlandse Jihadi’s die zich intussen hebben aangesloten bij JN. Als JN het in een post-Assad tijdperk toelaat dat deze Jihadi’s de internationale Jihad verder gaan uitdragen, zal de relatie met de internationale gemeenschap er nog verder op achteruit gaan. Waar het er eerst naar uitzag dat JN als een marginale groep de toekomst zou ingaan, lijkt de lokale steun voor de groepering er van dag tot dag op vooruit te gaan. De frustratie bij de democraten onder de verzetsstrijders heeft ertoe geleid dat het democratische element aan de kant is geschoven. De toekomst van Syrië lijkt te worden bepaald door Jihadistische groepen als JN en Harakat Ahrar as-Sham.
Pieter Van Ostaeyen
Master Moderne Geschiedenis, KULeuven, 1999
Master Arabistiek & Islamkunde, KULeuven, 2003
 

Blog 15 maart 2013:

Syria ~ How the revolution evolved

 
This short video is an excellent overview of Syria’s tragedy of the last two years. It is a cynical view on how Syria is divided, not only pro or anti al-Assad …
Some say this video is British made propaganda for the Assad regime, if so, this is some very sophisticated form of it.


At the beginning, there was a revolution in Syria. People went out and said “the people want the fall of the regime” “one, one, one, the syrian people are one”.
Then people disagreed with each other; part of them said that changes must happen gradually and another part said that changes must happen immediately and they were divided, one would tell to the others “you are with the regime” and others would say “you are with the outsiders”.
When they finished the revolutions, they chanted “Allah, Syria, liberty and that’s it” and then they disagreed again; part wanted to end it peacefully and the other part wanted to end it with weapons.
So they devided and one group said “peaceful, peaceful” and the other said “no peaceful, we want boom boom”. Then they disagreed on many things:
  • the formation of the State “Islamic” “liberal”
  • the change “there must be immediate change and help from outside” “change must be gradually and from inside” “change must be immediate, but gradually”
  • the type of work: “demonstrations” “cut the roads” “we have to spread ideology”
  • how to start the demonstrations “Jihadi” “Local”
  • place of demonstrations “I’m here” “No, I’m here”
They kept on chanting, but it turned from a popular demonstration into a individual one “one, one, one, I’m one one” or even half of the one “you are wearing a trouser” “you are wearing a shirt” “traitor”

No comments:

Post a Comment