Wednesday, July 25, 2018

747 Guyénot (1) : De Torah als inspiratie voor de joodse/zionistische agressie

UPDATE 5 FEB 2023.     De Nederlandse vertaling van dit Guyenot artikel. 
(Hieronder de originele engelse versie) 

Hoe Bijbels is Zionisme?

50518 keer bekeken 21 februari 2018 85 reacties

door Laurent Guyénot voor de Saker Blog

Laurent Guyénot is de auteur van Van  Jahweh  tot  Zion: Jaloerse God, Uitverkoren Volk, Beloofd Land ... Botsing der Beschavingen, 2018.  ($30 verzendkosten inbegrepen van Sifting and Winnowing, POB 221, Lone Rock, WI 53556).

De bijbelse geest van Israëls grondleggers

De Hebreeuwse Bijbel (Tenach) is voor de toegewijde Jood evenzeer een verslag van zijn oude oorsprong, het prisma waardoor alle Joodse geschiedenis wordt geïnterpreteerd (is de "Holocaust" geen Bijbelse term?), en het onveranderlijke patroon van Israëls veelbelovende toekomst. Daarom blijft de Bijbel, ooit het "draagbare vaderland" van de Joden in de diaspora, zoals Heinrich Heine het uitdrukte, de kern van het nationale verhaal van de Joodse Staat, waarvan de oprichters het geen andere grondwet hebben gegeven dan deze bijbel.

Het is waar dat de eerste profeten van het politieke zionisme - Moses Hess (Rome en Jeruzalem, 1862), Leon Pinsker (Auto-Emancipatie, 1882) en Theodor Herzl (De Joodse Staat, 1896) - hun inspiratie niet uit de Bijbel haalden, maar uit de grote nationalistische geest die aan het eind van de 19th eeuw door Europa waart. Het maakte Pinsker en Herzl eigenlijk weinig uit of de Joden Palestina of een ander deel van de wereld koloniseerden; de eerste dacht aan wat land in Noord-Amerika, terwijl de tweede dacht aan Argentinië en later Oeganda. Belangrijker nog dan nationalisme, was  judeofobie of antisemitisme  wat deze intellectuele pioniers dreef : Pinsker, afkomstig uit Odessa, bekeerde zich tijdens de pogroms ( tot gelovig jood?  tot nationalist? JV) die volgden op de moord op Alexander II; Herzl, op het hoogtepunt van de Dreyfus-affaire.

Maar door zijn beweging "Zionisme" te noemen, sloot Herzl zelf aan bij de bijbelse mythologie: Zion is een naam die door bijbelse profeten werd gebruikt voor Jeruzalem. En na Herzl waren de stichters van de Yishuv (Joodse gemeenschappen die zich vóór 1947 in Palestina vestigden) en later van de Joodse Staat doordrenkt van de Bijbel. Vanuit hun gezichtspunt was het zionisme het logische en noodzakelijke einde van het bijbelse Jahwisme. "De Bijbel is ons mandaat," verklaarde Chaim Weizmann op de Vredesconferentie in Versailles in 1920, en David Ben-Gurion heeft duidelijk gemaakt dat hij het VN-verdelingsplan van 1947 slechts aanvaardde als een tijdelijke stap naar het doel van bijbelse grenzen. In Ben-Gurion, profeet van het vuur (1983), de biografie van de man die omschreven wordt als "de personificatie van de zionistische droom", geeft Dan Kurzman aan elk hoofdstuk een Bijbelcitaat. Het voorwoord begint als volgt:

"Het leven van David Ben-Gurion is meer dan het verhaal van een buitengewone man. Het is het verhaal van een Bijbelse profetie, een eeuwige droom. [...] Ben-Gurion was, in moderne zin, Mozes, Jozua, Jesaja, een messias die zich voorbestemd voelde om een voorbeeldige Joodse staat te stichten, een 'licht voor de volkeren' dat de hele mensheid zou helpen verlossen."

Voor Ben-Gurion, schrijft Kurzman, liep de wedergeboorte van Israël in 1948 "parallel met de Exodus uit Egypte, de verovering van het land door Jozua, de Makkabeese opstand." Toch was Ben-Gurion nooit naar de synagoge geweest en at hij varkensvlees als ontbijt. Volgens de rabbijn die de bijbelstudiegroep die hij bezocht leidde, geloofde Ben-Gurion "onbewust dat hij gezegend was met een vonk van Jozua's ziel." "Er kan geen zinvolle politieke of militaire voorlichting over Israël zijn zonder diepgaande kennis van de Bijbel," zei hij altijd.[1]

Hij schreef in zijn dagboek in 1948, tien dagen na het uitroepen van de onafhankelijkheid: "We zullen Transjordanië [Jordanië] breken, Amman bombarderen en zijn leger vernietigen, en dan valt Syrië, en als Egypte dan nog blijft vechten - zullen we Port Said, Alexandrië en Caïro bombarderen," voegt hij eraan  toe: "Dit zal zijn als wraak voor wat zij onze voorvaderen in Bijbelse tijden hebben aangedaan."[2] Drie dagen na de Israëlische invasie van de Sinaï in 1956 verklaarde hij voor de Knesset dat het ging om "het herstel van het koninkrijk van David en Salomo".[3]

Het zionisme is bijbels door de ideologie, maar ook in de praktijk. Zoals Avigail Abarbanel schreef, hebben de zionistische veroveraars van Palestina "vrij nauwkeurig het bijbelse dictaat aan Jozua gevolgd om gewoon binnen te lopen en alles te nemen. [...] Voor een zogenaamd niet-religieuze beweging is het buitengewoon hoe nauw het zionisme [...] de Bijbel heeft gevolgd."[5] De paradox is alleen zichtbaar, omdat voor zionisten de Bijbel geen religieuze tekst is, maar een geschiedenisboek. En dus zou het voor iedereen die oplet duidelijk moeten zijn dat het gedrag van Israël op het internationale toneel niet kan worden begrepen zonder een diepgaand onderzoek naar de onderliggende ideologie van de Bijbel.

Profetieën en geopolitiek

Alleen door rekening te houden met de bijbelse wortels van het zionisme kan men begrijpen waarom het zionisme nooit een nationalistische beweging is geweest zoals andere. Het kon dat niet zijn, zoals Gilad Atzmon opmerkte, vanaf het moment dat het zich definieerde als een Joodse beweging, gericht op het creëren van een "Joodse staat".[6] Joods exceptionalisme is een bijbels concept dat in geen enkele andere etnische of religieuze cultuur een equivalent heeft.

Evenmin kan het zionisme correct worden beoordeeld als een vorm van kolonialisme, ondanks Jabotinsky's pogingen daartoe. Want kolonialisme streeft er niet naar de inboorlingen te verdrijven, maar hen uit te buiten. Als zionisme kolonialisme is, dan kan dat alleen in de zin van de kolonisatie van de wereld door Israël, volgens het programma van Jesaja:

"De rijkdom van de zee zal tot u stromen, de rijkdom van de volken komt tot u" (60:5);

"Jullie zullen de melk van volken zuigen, jullie zullen de rijkdom van koningen zuigen" (60:16);

"U zult zich voeden met de rijkdom van naties, u zult hen verdringen in hun glorie" (61:5-6);

"Want de natie en het koninkrijk die u niet dienen, zullen vergaan, en de volken zullen volkomen vernietigd worden" (60:12)

Christenen vinden hoop in Jesaja dat op een dag alle volkeren "hun zwaarden tot ploegscharen en hun speren tot sikkels zullen slaan. Volkeren zullen het zwaard niet meer tegen het volk opnemen en niet meer leren oorlog te voeren" (Jesaja 2:4). Maar belangrijker voor zionisten zijn de voorgaande verzen, die deze messiaanse tijden beschrijven als een Pax Judaica, wanneer "alle volken" hulde zullen brengen "aan de berg van Jahweh, aan het huis van de god van Jakob," wanneer "de wet zal uitgaan van Sion en het woord van Jahweh van Jeruzalem," zodat Jahweh "recht zal spreken tussen de volken en zal arbitreren tussen vele volken."

Geen wonder dat Jesaja de bijbelse profeet is die het vaakst door zionisten wordt geciteerd. In een verklaring gepubliceerd in het tijdschrift Look op 16 januari 1962, voorspelde Ben-Gurion voor de komende 25 jaar:

"Alle legers zullen worden afgeschaft en er zullen geen oorlogen meer zijn. In Jeruzalem zullen de Verenigde Naties (een echte Verenigde Naties) een Heiligdom van de Profeten bouwen ten dienste van de gefedereerde unie van alle continenten; dit zal de zetel zijn van het Hooggerechtshof van de Mensheid, om alle geschillen tussen de gefedereerde continenten te beslechten, zoals voorspeld door Jesaja."[7]

De start van de oorlog in Irak was een beslissende stap naar dat doel van een nieuwe wereldorde met Jeruzalem als hoofdkwartier. Het was de context voor een "Top van Jeruzalem" in oktober 2003 in het zeer symbolische King David Hotel, om een alliantie tussen joodse en christelijke zionisten te bezegelen. De door de deelnemers ondertekende "Verklaring van Jeruzalem" verklaarde Jeruzalem tot "de sleutel tot de harmonie der beschavingen", ter vervanging van de Verenigde Naties die waren verworden tot "een door derdewerelddictaturen gekaapt stammenverbond":

"Het spirituele en historische belang van Jeruzalem verleent het een bijzondere autoriteit om een centrum van de eenheid van de wereld te worden. [Wij geloven dat een van de doelstellingen van Israëls goddelijk geïnspireerde wedergeboorte is om het tot het centrum te maken van de nieuwe eenheid van de naties, die zal leiden tot een tijdperk van vrede en welvaart, dat door de Profeten is voorspeld."

Drie waarnemende Israëlische ministers spraken op de top, waaronder Benjamin Netanyahu. Richard Perle, de eregast, ontving bij deze gelegenheid de Henry Scoop Jackson Award.[8]

Wanneer Israëlische leiders beweren dat hun visie op de mondiale toekomst gebaseerd is op de (Hebreeuwse) Bijbel, moeten we hen serieus nemen en de Bijbel bestuderen. Het zou bijvoorbeeld kunnen helpen om te weten dat volgens Deuteronomium Yahweh van plan is om aan Israël "zeven naties over te leveren die groter en machtiger zijn dan [het]," toevoegend: "U moet hen volledig vernietigen; u zult geen verbond met hen sluiten en hun geen genade tonen. U zult met hen geen huwelijken sluiten..." (7:1-2). Wat de koningen van deze zeven naties betreft, "u zult hun naam doen verdwijnen van onder de hemel" (7:24). De vernietiging van de "zeven volken", ook genoemd in Jozua 24:11, wordt beschouwd als een mitswa in het rabbijnse jodendom, opgenomen door de grote Maimonides in zijn Boek der Geboden,[9] en het is een populair motief gebleven in de Joodse cultuur, bekend bij elk Israëlisch schoolkind.

Het maakt ook deel uit van de Neocon-agenda voor de Vierde Wereldoorlog (zoals Norman Podhoretz het huidige mondiale conflict noemt in World War IV: The Long Struggle Against Islamofascism, 2007). Generaal Wesley Clark, voormalig commandant van de NAVO in Europa, schreef in zijn boek Winning Modern Wars (2003), en herhaalde dit bij tal van gelegenheden, dat een maand na 11 september 2001, toen hij een bezoek bracht aan Paul Wolfowitz, een generaal van het Pentagon hem een memo liet zien "waarin wordt beschreven hoe we in vijf jaar zeven landen gaan uitschakelen, te beginnen met Irak, en dan Syrië, Libanon, Libië, Somalië en Soedan, om te eindigen met Iran".[10] In zijn toespraak van 20 september 2001 richtte president Bush zich ook op zeven "schurkenstaten", maar hij noemde Cuba en Noord-Korea in plaats van Libanon en Somalië. De waarschijnlijke verklaring voor deze discrepantie is dat Bush of zijn entourage weigerde Libanon en Somalië op te nemen, maar dat het getal zeven werd aangehouden vanwege zijn symbolische waarde, als een gecodeerde handtekening. Zonder twijfel waren de neocons die Bush' oorlogsagenda schreven, zionisten van de meest fanatieke en machiavellistische soort. Maar het neocon slangennest is niet de enige plek om te zoeken naar crypto-Zionisten die geïnfiltreerd zijn in de hoogste regionen van de Amerikaanse buitenlandse en militaire zaken. Bedenk bijvoorbeeld dat Wesley Clark de zoon is van Benjamin Jacob Kanne en de trotse afstammeling van een geslacht van rabbijnen. Het is moeilijk te geloven dat hij nooit gehoord heeft van de "zeven naties" uit de Bijbel? Probeert Clark zelf, samen met de Amy Goodmans die hem interviewde, de geschiedenis in bijbelse termen te schrijven, terwijl hij de schuld van deze oorlogen geeft aan de oorlogszuchtigen van het Pentagon? Wat is hier aan de hand?

Een les uit de boeken van Ezra en Nehemia

Om te begrijpen hoe de crypto-Zionisten de militaire macht van het Rijk hebben gekaapt in proxy-oorlogen, kan een les worden getrokken uit het Boek Ezra en het vervolg daarop, het Boek Nehemia. In de tijd van Ezra was Perzië de keizerlijke macht. Nadat de Perzen Babylon hadden veroverd in 539 voor Christus, keerde een deel van de ballingen en hun nakomelingen (42.360 mensen met hun 7.337 dienaren en 200 mannelijke en vrouwelijke zangers, volgens Ezra 2:64-67) terug naar Jeruzalem onder de bescherming van koning Kores, met het project om de Tempel in Jeruzalem te herbouwen. Zo begint het boek Ezra:

"Jahweh wekte de geest van Cyrus, koning van Perzië, op om een proclamatie uit te vaardigen en deze in het openbaar in zijn hele koninkrijk te laten verschijnen: 'Cyrus, koning van Perzië, zegt dit: Jahweh, de God van de hemel, heeft mij alle koninkrijken van de aarde gegeven en heeft mij aangesteld om hem een tempel te bouwen in Jeruzalem, in Juda.'" (Ezra 1:1-2).

Omdat Cyrus namens Jahweh handelde, krijgt hij in Jesaja 45:1 de titel van Gods "gezalfde" (Mashiah).

"Zo zegt Jahweh tot zijn gezalfde, tot Cyrus die, zegt hij, ik bij zijn rechterhand heb gegrepen, om de volken voor hem te doen buigen en koningen te ontwapenen: [...] Het is omwille van mijn dienaar Jakob en van Israël, mijn uitverkorene, dat ik u bij uw naam heb genoemd, u een titel heb gegeven, hoewel u mij niet kent. [...] Hoewel u mij niet kent, heb ik u gewapend." (Jesaja 45:1-5)

Een volgende Perzische keizer, Darius, bevestigde het edict van Cyrus, gaf toestemming voor de herbouw van de Tempel en beval gigantische brandoffers, gefinancierd door "de koninklijke inkomsten". Wie zich verzet tegen de nieuwe theocratische macht, gesteund door Perzië, "moet een balk uit zijn huis worden gerukt, hij moet daaraan worden gespietst en zijn huis moet voor zijn overtreding tot een puinhoop worden gereduceerd" (Ezra 6:11). Vervolgens zou een andere Perzische koning, Artaxerxes, Ezra het gezag hebben verleend om leiding te geven aan "alle leden van het volk Israël in mijn koninkrijk, met inbegrip van hun priesters en Levieten, die uit vrije wil naar Jeruzalem willen gaan", en om te heersen over "het hele volk van Trans-Eufraat [district dat alle gebieden ten westen van de Eufraat omvat]" (7:11-26). In 458 voor Christus ging de priester Ezra vanuit Babylon naar Jeruzalem, vergezeld van ongeveer 1500 volgelingen. Ezra, die de pas herziene Thora bij zich droeg, noemde zichzelf de "secretaris van de wet van de God van de hemel" (7:21). Hij kreeg al snel gezelschap van Nehemia, een Perzische hofambtenaar van Judeese afkomst.

De edicten van Cyrus, Darius en Artaxerxes zijn vals. Geen enkele historicus gelooft dat ze authentiek zijn. Maar het feit dat Perzische koningen aan een clan van rijke Levieten de wettelijke bevoegdheid verleenden om in Palestina een theocratische semi-autonome staat op te richten, lijkt historisch. Wat gaven deze proto-Zionisten de Perzische koningen in ruil? De Bijbel zegt het niet, maar historici geloven dat de Judeeërs in ballingschap in Babylon de gunst van de Perzen hadden gewonnen door hen te helpen de stad te veroveren.[11]

Van belang in dit bijbelse verhaal is de blauwdruk voor de zionistische strategie om de buitenlandse politiek van het rijk in eigen voordeel te beïnvloeden. thAan het eind van de 19e eeuw was het rijk Brits. Zijn buitenlands beleid in het Midden-Oosten werd grotendeels bepaald door premier Benjamin Disraeli. Geboren in een familie van Maranen die zich in Venetië opnieuw tot het Jodendom bekeerden, kan Disraeli worden beschouwd als een voorloper van het zionisme, aangezien hij, lang vóór Theodor Herzl, probeerde het "herstel van Israël" op de agenda van het Congres van Berlijn te plaatsen, en hij hoopte de Ottomaanse Sultan ervan te overtuigen Palestina toe te laten als autonome Joodse provincie. Hij faalde, maar slaagde erin het Suezkanaal onder Britse controle te brengen, met financiering van zijn vriend Lionel Rothschild (een operatie die ook de controle van de Rothschilds over de Bank of England consolideerde). Dat was de eerste stap om de Britse belangen en het lot van het Midden-Oosten...[12]. Kortom, Disraeli was een moderne Ezra of Nehemia, in staat om het beleid van het Rijk te sturen volgens de Joodse agenda van de verovering van Palestina, een droom die hij had gekoesterd sinds zijn eerste reis naar Palestina in 1830, op 26-jarige leeftijd, en die hij tot uitdrukking had gebracht via de held van zijn eerste roman, The Wondrous Tale of Alroy:

"Mijn wens is een nationaal bestaan dat we niet hebben. Mijn wens is het Land van Belofte en Jeruzalem en de Tempel, alles wat we verspeeld hebben, alles waar we naar verlangd hebben, alles waarvoor we gevochten hebben, ons mooie land, onze heilige geloofsbelijdenis, onze eenvoudige manieren en onze oude gebruiken."

Een kwart eeuw na Disraeli slaagde ook Theodor Herzl er niet in de sultan te overtuigen. Daarom werd het noodzakelijk dat het Ottomaanse Rijk verdween en de kaarten opnieuw werden verdeeld. Zionisten speelden vervolgens de Britten uit tegen de Ottomanen en verkregen, met inmiddels goed gedocumenteerde middelen, van de Britten de Balfour Verklaring (in feite niet meer dan een brief van minister van Buitenlandse Zaken Arthur Balfour aan Lord Lionel Walter Rothschild). Maar toen de Britten in de jaren dertig de joodse immigratie in Palestina begonnen te beperken, wendden de zionisten zich tot de opkomende nieuwe keizerlijke macht: de Verenigde Staten. Tegenwoordig is de wurggreep van de zionisten op de Amerikaanse imperiale politiek zo groot, dat een paar joodse neocons de VS met één enkele valse aanval in een reeks oorlogen tegen Israëls vijanden kunnen meeslepen.

Het vermogen van Israël om het buitenlandse en militaire beleid van het Rijk te kapen vereist dat een aanzienlijke Joodse elite in de VS blijft. Zelfs het voortbestaan van Israël is volledig afhankelijk van de invloed van het zionistische machtscomplex in de Verenigde Staten (eufemistisch de "pro-Israël lobby" genoemd). Dat is ook een les uit de tijd van Ezra en Nehemia: Nehemia zelf behield zijn hoofdverblijf in Babylonië en het koninkrijk Israël werd daarna eeuwenlang praktisch geregeerd door de Babylonische ballingen. Na de verwoesting van Jeruzalem door de Romeinen bleef Babylon het centrum van het universele jodendom. De vergelijking is gemaakt door Jacob Neusner in A History of the Jews in Babylonia (1965), en door Max Dimont in Jews, God and History (1962). De Amerikaanse Joden die liever in de Verenigde Staten blijven dan naar Israël te emigreren, zijn volgens Dimont even essentieel voor de gemeenschap als de Babylonische Joden die de uitnodiging om terug te keren naar Palestina in de Perzische tijd afwezen:

"Vandaag hebben we, net als vroeger, zowel een onafhankelijke staat Israël als de diaspora. Maar net als in het verleden is de Staat Israël vandaag de dag een citadel van het Jodendom, een toevluchtsoord, het centrum van het Joods nationalisme waar slechts twee miljoen van de twaalf miljoen Joden in de wereld wonen. De diaspora, hoewel het centrum door de eeuwen heen is verschoven met de opkomst en ondergang van beschavingen, blijft de universele ziel van het Jodendom."[13]

Conclusie

In de woorden van de zionisten zelf, inclusief Herzl zelf, werd het zionisme verondersteld de "definitieve oplossing" voor het Joodse vraagstuk te zijn[14]. In 1947 hoopte de hele wereld dat het zo zou zijn, behalve de Arabische leiders die ertegen waarschuwden. Maar het bestaan van Israël heeft er alleen maar toe geleid dat de "Joodse kwestie" is veranderd in de "Zionistische kwestie": de vraag naar de ware ambities van Israël. Een deel van het antwoord is te vinden in de Hebreeuwse Bijbel. De zionistische vraag is de Bijbelse vraag. Dat zeggen de zionisten zelf. Hun mond is vol van de Bijbel.

Op 3 maart 2015 dramatiseerde premier Benjamin Netanyahu voor het Amerikaanse Congres zijn diepe fobie voor Iran door te verwijzen naar het Bijbelse Boek Esther (het enige Bijbelverhaal waarin God overigens niet wordt genoemd). Het is de moeite waard om de kern van zijn retorische oproep tot een Amerikaanse aanval op Iran te citeren:

"We zijn een oud volk. In onze bijna 4000-jarige geschiedenis hebben velen herhaaldelijk geprobeerd het Joodse volk te vernietigen. Morgenavond, op de Joodse feestdag Purim, lezen we het boek Esther. We lezen over een machtige Perzische onderkoning genaamd Haman, die zo'n 2500 jaar geleden plande om het Joodse volk te vernietigen. Maar een moedige Joodse vrouw, koningin Esther, ontmaskerde het complot en gaf het Joodse volk het recht zich tegen hun vijanden te verdedigen. Het complot werd verijdeld. Ons volk werd gered. Vandaag wordt het Joodse volk geconfronteerd met een nieuwe poging van weer een Perzische potentaat om ons te vernietigen."[15]

Netanyahu is erin geslaagd zijn toespraak tot het Congres te plannen op de vooravond van Purim, waarop het happy end van het boek Esther wordt gevierd - de afslachting van 75.000 Perzen, vrouwen en kinderen inbegrepen. Deze typische toespraak van het hoofd van de staat Israël is een duidelijke aanwijzing dat het gedrag van die natie op het internationale toneel niet kan worden begrepen zonder een diepgaand onderzoek naar de onderliggende ideologie van de Bijbel. Dat is het hoofddoel van mijn nieuwe boek, From Yahweh to Zion: Jealous God, Chosen People, Promised Land ... Clash of Civilizations, vertaald door Kevin Barrett.

Mogen degenen die nog steeds willen geloven dat het zionisme niets met de Bijbel te maken heeft zich wel twee keer bedenken. Zelfs het nucleaire beleid van Israël heeft een Bijbelse naam: de Samson-optie.[16] En laat ze de Profeten lezen:

"En dit is de plaag waarmee Jahweh alle volken zal treffen die tegen Jeruzalem gestreden hebben; hun vlees zal rotten terwijl ze nog op hun voeten staan; hun ogen zullen rotten in hun kassen; hun tongen zullen rotten in hun mond." (Zacharia 14:12)

Opmerkingen:

  1. Dan Kurzman, Ben-Gurion, profeet van het vuur, Touchstone, 1983, blz. 17-18, 22, 26-28.
  2. Ilan Pappe, The Ethnic Cleansing of Palestine, Oneworld Publications, 2007, blz. 144.
  3. Israel Shahak, Joodse Geschiedenis, Joodse Religie: Het gewicht van drieduizend jaar, Pluto Press, 1994, blz. 10.
  4. https://www.youtube.com/watch?v=Png17wB_omA ↑
  5. Avigail Abarbanel, "Waarom ik de sekte verliet," 8 oktober 2016, op mondoweiss.net
  6. Gilad Atzmon, Being in Time: A Post-Political Manifesto, Skyscraper, 2017, pp. 66-67.
  7. David Ben-Gurion en Amram Duchovny, David Ben-Gurion, In His Own Words, Fleet Press Corp., 1969, p. 116
  8. Officiële website: www.jerusalemsummit.org/eng/declaration.php.
  9. http://www.chabad.org/library/article_cdo/aid/961561/jewish/Positive-Commandment-187.htm ↑
  10. Wesley Clark, Winning Modern Wars, Public Affairs, 2003, blz. 130.
  11. Bijvoorbeeld Heinrich Graetz, History of the Jews, Jewish Publication Society of America, 1891 (archive.org), vol. 1, p. 343.
  12. Over Disraeli's proto-Zionistische politiek, lees mijn artikel : https://www.veteransnewsnow.com/2015/02/13/515416tracking-the-roots-of-zionism-and-imperial-russophobia/ ↑
  13. Geciteerd in Michael Collins Piper, Het nieuwe Babylon: Those Who Reign Supreme, American Free Press, 2009, p. 27
  14. De eerste door Herzls programma geïnspireerde zionistische vereniging, de National-Jüdische Vereinigung Köln, verklaarde in 1897 als doel: "De definitieve oplossing van het Joodse vraagstuk ligt daarom in de oprichting van de Joodse staat" (geciteerd in Isaiah Friedman, Germany, Turkey, and Zionism 1897-1918, Transaction Publishers, 1998, blz. 17). Herzl schreef: "Ik geloof dat ik de oplossing van het Joodse vraagstuk heb gevonden. Niet een oplossing, maar de oplossing, de enige", waarbij hij verder herhaalde dat het zionisme "de enige mogelijke, definitieve en succesvolle oplossing van het Joodse vraagstuk" was (The Complete Diaries of Theodor Herzl, bewerkt door Raphael Patai, Herzl Press & Thomas Yoseloff, 1960, deel 1, blz. 118).
  15. "The Complete Transcript of Netanyahu's Address to Congress," op www.washingtonpost.com ↑
  16. Seymour Hersh, The Samson Option: Israel's Nuclear Arsenal and American Foreign Policy, Random House, 1991.

Laurent Guyénot is de auteur van Van  Jahweh  tot  Zion: Jaloerse God, Uitverkoren Volk, Beloofd Land ... Botsing der Beschavingen, 2018

 



                   ------ Hieronder de originele engelse versie ----

Israel's Aggressive Behavior is Embodied and Prophesied in the Hebrew Bible


"Even the nuclear policy of Israel has a biblical name: the Samson Option"

Bron: http://thesaker.is/how-is-biblical-zionism/

En: https://russia-insider.com/en/israels-aggressive-behavior-embodied-and-prophesied-hebrew-bible/ri22632 

The biblical mind of Israel’s founding fathers

The Hebrew Bible (Tanakh) is for the committed Jew as much a record of his ancient origins, the prism through which all Jewish history is interpreted (is not the “Holocaust” a biblical term?), and the unalterable pattern of Israel’s promising future. That is why the Bible, once the “portable fatherland” of the Diaspora Jews as Heinrich Heine put it, remains at the core of the national narrative of the Jewish State, whose founding fathers did not give it any other Constitution.
It is true that the earliest prophets of political Zionism — Moses Hess (Rome and Jerusalem, 1862), Leon Pinsker (Auto-Emancipation, 1882) and Theodor Herzl (The Jewish State, 1896) — did not draw their inspiration from the Bible, but rather from the great nationalist spirit that swept through Europe at the end of the 19th century. Pinsker and Herzl actually cared little whether the Jews colonized Palestine or any other region of the globe; the first thought about some land in North America, while the second contemplated Argentina and later Uganda. More important still than nationalism, what drove these intellectual pioneers was the persistence of Judeophobia or anti-Semitism: Pinsker, who was from Odessa, converted during the pogroms that followed the assassination of Alexander II; Herzl, at the height of the Dreyfus affair.
Nevertheless, by naming his movement “Zionism,” Herzl himself was plugging it into biblical mythology: Zion is a name used for Jerusalem by biblical prophets. And after Herzl, the founders of the Yishuv (Jewish communities settled in Palestine before 1947) and later of the Jewish State were steeped in the Bible. From their point of view, Zionism was the logical and necessary end of biblical Yahwism.
“The Bible is our mandate,” Chaim Weizmann declared at the Peace Conference in Versailles in 1920, and David Ben-Gurion has made clear that he only accepted the 1947 UN Partition Plan as a temporary step toward the goal of biblical borders. In Ben-Gurion, Prophet of fire(1983), the biography of the man described as “the personification of the Zionist dream,” Dan Kurzman entitles each chapter with a Bible quote. The preface begins like this:
“The life of David Ben-Gurion is more than the story of an extraordinary man. It is the story of a Biblical prophecy, an eternal dream. […] Ben-Gurion was, in a modern sense, Moses, Joshua, Isaiah, a messiah who felt he was destined to create an exemplary Jewish state, a ‘light unto the nations’ that would help to redeem all mankind.”
For Ben-Gurion, Kurzman writes, the rebirth of Israel in 1948 “paralleled the Exodus from Egypt, the conquest of the land by Joshua, the Maccabean revolt.” Yet Ben-Gurion had never been to the synagogue, and ate pork for breakfast.
According to the rabbi leading the Bible study group that he attended, Ben-Gurion
“unconsciously believed he was blessed with a spark from Joshua’s soul.” “There can be no worthwhile political or military education about Israel without profound knowledge of the Bible,” he used to say.[1]
 He wrote in his diary in 1948, ten days after declaring independence,
“We will break Transjordan [Jordan], bomb Amman and destroy its army, and then Syria falls, and if Egypt will still continue to fight — we will bombard Port Said, Alexandria and Cairo,” then he adds: “This will be in revenge for what they did to our forefathers during biblical times.”[2] Three days after the Israeli invasion of the Sinai in 1956, he declared before the Knesset that what was at stake was “the restoration of the kingdom of David and Solomon.”[3]
Ben-Gurion’s attachment to the Bible was shared by almost every Zionist leader of his generation and the next. Moshe Dayan, the military hero of the 1967 Six Day War, wrote a book entitled Living with the Bible (1978) in which he justified the annexation of new territory by the Bible. More recently, Israeli Education minister Naftali Bennett, a proponent of full-scale annexation of the West Bank, did the same.[4]
Zionism is biblical by ideology, but also in practice. As Avigail Abarbanel wrote, the Zionist conquerors of Palestine
“have been following quite closely the biblical dictate to Joshua to just walk in and take everything. […] For a supposedly non-religious movement it’s extraordinary how closely Zionism […] has followed the Bible.”[5] 
The paradox is only apparent, because for Zionists, the Bible is not a religious text, but a textbook of history. And so it should be obvious to anybody paying attention that Israel’s behavior on the international scene cannot be understood without a deep inquiry into the Bible’s underlying ideology.

Prophecies and geopolitics

Only by taking account of the biblical roots of Zionism can one understand why Zionism has never been a nationalist movement like others. It could not be, as Gilad Atzmon remarked, from the moment it defined itself as a Jewish movement, aimed at creating a “Jewish state”.[6] Jewish exceptionalism is a biblical concept that has no equivalent in any other ethnic or religious culture.
Neither can Zionism be correctly assessed as a form of colonialism, despite Jabotinsky’s effort to do so. For colonialism seeks not to expel the natives, but to exploit them. If Zionism is colonialism, it can only be in the sense of the colonization of the world by Israel, according to the program laid out by Isaiah:
“The riches of the sea will flow to you, the wealth of the nations come to you” (60:5);
“You will suck the milk of nations, you will suck the wealth of kings” (60:16);
“You will feed on the wealth of nations, you will supplant them in their glory” (61:5-6);
“For the nation and kingdom that will not serve you will perish, and the nations will be utterly destroyed” (60:12)
Christians find hope in Isaiah that, some day, all peoples “will hammer their swords into plowshares and their spears into sickles. Nations will not lift sword against nation, no longer will they learn how to make war” (Isaiah 2:4).
But more important to Zionists are the previous verses, which describe these messianic times as a Pax Judaica, when “all the nations” will pay tribute “to the mountain of Yahweh, to the house of the god of Jacob,” when “the Law will issue from Zion and the word of Yahweh from Jerusalem,” so that Yahweh will “judge between the nations and arbitrate between many peoples.”
No wonder Isaiah is the biblical prophet most often quoted by Zionists. In a statement published in the magazine Look on January 16, 1962, Ben-Gurion predicted for the next 25 years:
“All armies will be abolished, and there will be no more wars. In Jerusalem, the United Nations (a truly United Nations) will build a Shrine of the Prophets to serve the federated union of all continents; this will be the seat of the Supreme Court of Mankind, to settle all controversies among the federated continents, as prophesied by Isaiah.”[7]
The launching of the Iraq War was a decisive step toward that goal of a new world order headquartered in Jerusalem. It was the context for a “Jerusalem Summit” held in October 2003 in the highly symbolic King David Hotel, to seal an alliance between Jewish and Christian Zionists.
The “Jerusalem Declaration” signed by its participants declared Jerusalem “the key to the harmony of civilizations,” replacing the United Nations that had become “a tribalized confederation hijacked by Third World dictatorships”:
“Jerusalem’s spiritual and historical importance endows it with a special authority to become a center of world’s unity. [. . .] We believe that one of the objectives of Israel’s divinely-inspired rebirth is to make it the center of the new unity of the nations, which will lead to an era of peace and prosperity, foretold by the Prophets.”
Three acting Israeli ministers spoke at the summit, including Benjamin Netanyahu. Richard Perle, the guest of honor, received on this occasion the Henry Scoop Jackson Award.[8]
When Israeli leaders claim that their vision of the global future is based on the (Hebrew) Bible, we should take them seriously and study the Bible. It might help, for example, to know that according to Deuteronomy Yahweh plans to deliver to Israel “seven nations greater and mightier than [it],” adding: “you must utterly destroy them; you shall make no covenant with them, and show no mercy to them.
You shall not make marriages with them…” (7:1-2). As for the kings of these seven nations, “you shall make their name perish from under heaven” (7:24). The destruction of the “Seven Nations,” also mentioned in Joshua 24:11, is considered a mitzvah in rabbinic Judaism, included by the great Maimonides in his Book of Commandments,[9] and it has remained a popular motif in Jewish culture, known to every Israeli school child.
It is also part of the Neocon agenda for World War IV (as Norman Podhoretz names the current global conflict in World War IV: The Long Struggle Against Islamofascism, 2007). General Wesley Clark, former commandant of NATO in Europe, wrote in his book Winning Modern Wars (2003), and repeated in numerous occasions, that one month after September 11, 2001, as he was paying a visit to Paul Wolfowitz, a Pentagon general showed him a memo “that describes how we’re gonna take out seven countries in five years, starting with Iraq, and then Syria, Lebanon, Libya, Somalia and Sudan and finishing off with Iran.”[10] 
In his September 20, 2001 speech, President Bush also targeted seven “rogue states”, but included Cuba and North Korea instead of Lebanon and Somalia. The likely explanation to that discrepancy is that Bush or his entourage refused to include Lebanon and Somalia, but that the number seven was retained for its symbolic value, as an encrypted signature.
Without question, the neocons who were writing Bush’s war agenda were Zionists of the most fanatical and Machiavellian kind. But the neocon viper’s nest is not the only place to look for crypto-Zionists infiltrated in the highest spheres of US foreign and military affairs. Consider, for example, that Wesley Clark is the son of Benjamin Jacob Kanne and the proud descendant of a lineage of rabbis.
It is hard to believe that he never heard about the Bible’s “seven nations”? Is Clark himself, together with the Amy Goodmans who interviewed him, trying to write history in biblical terms, while blaming these wars on the Pentagon’s warmongers? What’s going on, here?

A lesson from the books of Ezra and Nehemiah

To understand how the crypto-Zionists have hijacked the Empire’s military power into proxy wars, a lesson can be learned from Book of Ezra and its sequel, the Book of Nehemiah. At the time of Ezra, the imperial power was Persia. After the Persians had conquered Babylon in 539 BCE, some of the exiles and their descendants (42,360 people with their 7,337 servants and 200 male and female singers, according to Ezra 2:64-67) returned to Jerusalem under the protection of King Cyrus, with the project of rebuilding the Temple in Jerusalem. Thus begins the Book of Ezra:
“Yahweh roused the spirit of Cyrus king of Persia to issue a proclamation and to have it publicly displayed throughout his kingdom: ‘Cyrus king of Persia says this, Yahweh, the God of heaven, has given me all the kingdoms of the earth and has appointed me to build him a temple in Jerusalem, in Judah.’” (Ezra 1:1-2).
For acting on behalf of Yahweh, Cyrus is bestowed the title of God’s “Anointed” (Mashiah) in Isaiah 45:1.
“Thus says Yahweh to his anointed one, to Cyrus whom, he says, I have grasped by his right hand, to make the nations bow before him and to disarm kings: […] It is for the sake of my servant Jacob and of Israel my chosen one, that I have called you by your name, have given you a title though you do not know me. […] Though you do not know me, I have armed you.” (Isaiah 45:1-5)
A succeeding Persian emperor, Darius, confirmed Cyrus’ edict, authorizing the rebuilding of the Temple, and ordering gigantic burnt offerings financed by “the royal revenue.” Anyone resisting the new theocratic power backed by Persia, “a beam is to be torn from his house, he is to be impaled on it and his house is to be reduced to a rubbish-heap for his offense” (Ezra 6:11).
Then another Persian king, Artaxerxes, is supposed to have granted Ezra authority to lead “all members of the people of Israel in my kingdom, including their priests and Levites, who freely choose to go to Jerusalem,” and to rule over “the whole people of Trans-Euphrates [district encompassing all territories West to the Euphrates]” (7:11-26). In 458 BCE, the priest Ezra went from Babylon to Jerusalem, accompanied by some 1,500 followers.
Carrying with him the newly redacted Torah, Ezra called himself the “Secretary of the Law of the God of heaven” (7:21). He was soon joined by Nehemiah, a Persian court official of Judean origin.
The edicts of Cyrus, Darius and Artaxerxes are fake. No historian believe them authentic. But the fact that Persian kings granted to a clan of wealthy Levites legal authority for establishing a theocratic semi-autonomous state in Palestine seems historical. What did these proto-Zionists give the Persian kings in return? The Bible does not say, but historians believe that the Judeans exiles in Babylon had won the favor of the Persians by conspiring to help them conquer the city.[11]
What is of interest in this biblical narrative is the blueprint for the Zionist strategy of influencing the Empire’s foreign policy for its own advantage. In the late 19th century, the empire was British. Its foreign policy in the Middle East was largely shaped by Prime Minister Benjamin Disraeli. Born in a family of Marranos converted back to Judaism in Venice, Disraeli can be considered a forerunner of Zionism, since, well before Theodor Herzl, he tried to include the “restoration of Israel” in the Berlin Congress’ agenda, and hoped to convince the Ottoman Sultan to concede to Palestine as an autonomous Jewish province.
He failed, but succeeded in putting the Suez Canal under British control, through funding from his friend Lionel Rothschild (an operation which also consolidated the Rothschilds’ control over the Bank of England). That was the first step in binding British interest and fate to the Middle-East[12]. In short, Disraeli was a modern-day Ezra or Nehemiah, capable of steering the Empire’s policy according to the Jewish agenda of the conquest of Palestine, a dream he had cherished ever since his first trip to Palestine in 1830, at the age of 26, and which he had expressed through the hero of his first novel, The Wondrous Tale of Alroy:
“My wish is a national existence which we have not. My wish is the Land of Promise and Jerusalem and the Temple, all we forfeited, all we have yearned after, all for which we have fought, our beauteous country, our holy creed, our simple manners, and our ancient customs.”
A quarter of a century after Disraeli, Theodor Herzl also failed to convince the Sultan. It therefore became necessary that the Ottoman Empire disappear and the cards be redistributed. Zionists then played the British against the Ottomans and, by means now well-documented, obtained from the former the Balfour Declaration (in fact a mere letter addressed by Secretary of State Arthur Balfour to Lord Lionel Walter Rothschild).
But when the British started to limit Jewish immigration in Palestine in the 1930s, the Zionists turned to the rising new Imperial power: the United States. Today, the stranglehold of Zionists on US imperial policy is such that a few Jewish neocons can pull the US into a series of wars against Israel’s enemies with a single false flag attack.
The capacity of Israel to hijack the Empire’s foreign and military policy requires that a substantial Jewish elite remain in the US. Even Israel’s survival is entirely dependent on the influence of the Zionist power complex in the United States (euphemistically called the “pro-Israel lobby”). That is also a lesson learnt from Ezra and Nehemiah’s time: Nehemiah himself retained his principal residence in Babylone and, for centuries after, the kingdom of Israel was virtually ruled by the Babylonian exiles.
After the destruction of Jerusalem by the Romans, Babylon remained the center of universal Judaism. The comparison was made by Jacob Neusner in A History of the Jews in Babylonia(1965), and by Max Dimont in Jews, God and History (1962). The American Jews who prefer to remain in the United States rather than emigrating to Israel are, Dimont argued, as essential to the community as the Babylonian Jews who declined the invitation to return to Palestine in the Persian era:
“Today, as once before, we have both an independent State of Israel and the Diaspora. But, as in the past, the State of Israel today is a citadel of Judaism, a haven of refuge, the center of Jewish nationalism where dwell only two million of the world’s twelve million Jews. The Diaspora, although it has shifted its center through the ages with the rise and fall of civilizations, still remains the universal soul of Judaism.”[13]

Conclusion

In the words of the Zionists themselves, including Herzl himself, Zionism was supposed to be the “final solution” to the Jewish question[14]. In 1947, the whole world hoped that it would be, except for Arab leaders who warned against it. But Israel’s existence has only resulted in changing the “Jewish question” into the “Zionist question”: the question about the true ambitions of Israel. Part of the answer is to be found in the Hebrew Bible. The Zionist question is the Biblical question. Zionists themselves tell us so. Their mouths are full of the Bible.
On March 3, 2015, Prime Minister Benjamin Netanyahu dramatized in front of the American Congress his deep phobia of Iran by referring to the biblical Book of Esther (the only Bible story that makes no mention of God, incidently). It is worth quoting the heart of his rhetorical appeal to a US strike against Iran:
“We’re an ancient people. In our nearly 4,000 years of history, many have tried repeatedly to destroy the Jewish people. Tomorrow night, on the Jewish holiday of Purim, we’ll read the Book of Esther. We’ll read of a powerful Persian viceroy named Haman, who plotted to destroy the Jewish people some 2,500 years ago.
But a courageous Jewish woman, Queen Esther, exposed the plot and gave for the Jewish people the right to defend themselves against their enemies. The plot was foiled. Our people were saved. Today the Jewish people face another attempt by yet another Persian potentate to destroy us.”[15]
Netanyahu managed to schedule his address to the Congress on the eve of Purim, which celebrates the happy end of the Book of Esther — the slaughter of 75,000 Persians, women and children included. This typical speech by the head of the State of Israel is clear indication that the behavior of that nation on the international scene cannot be understood without a deep inquiry into the Bible’s underlying ideology. Such is the main objective of my new book, From Yahweh to Zion: Jealous God, Chosen People, Promised Land … Clash of Civilizations, translated by Kevin Barrett.
May those who still want to believe that Zionism has nothing to do with the Bible think twice. Even the nuclear policy of Israel has a biblical name: the Samson Option.[16] And let them read the Prophets:
“And this is the plague with which Yahweh will strike all the nations who have fought against Jerusalem; their flesh will rot while they are still standing on their feet; their eyes will rot in their sockets; their tongues will rot in their mouths.” (Zechariah 14:12)

Source: The Saker

No comments:

Post a Comment